Natura Inspiratus

syllabus verhalen- en poëziewedstrijd

Verhalen zijn werelderfgoed. De natuur als inspiratiebron. Schrijftips en wedstrijdinfo. Een paar voorbeelden.

Sprookjes zijn de beste reizigers en de succesvolste migranten die ooit op onze prachtige planeet hebben bestaan. (Rodaan Al Galidi, Irakese Nederlander, schrijver en dichter in zijn moedertaal én in zijn nieuwe taal, in het voorwoord van zijn sprookjesverzamelboek “Arabische sprookjes”)

Verhalen zijn altijd en overal een basisvoedsel voor de mensheid. Ze gaan over goed en kwaad, mooi en lelijk, liefde en haat, vrede en oorlog. Ze tonen ons wie we zijn, waar we vandaan komen en waar we zo graag naartoe willen gaan. Verhalen zijn universeel en verbindend. De eerste verhalen die mensen wereldwijd leren kennen zijn meestal degene die onze ouders en grootouders ons vertellen bij het slapengaan. De mooiste en soms ook de droevigste verhalen zijn degene die we zelf meemaken, afgewisseld met degene waar we ons in herkennen, ongeacht of ze waar gebeurd zijn of verzonnen. Iedereen kent verhalen, en je moet niet eens gestudeerd hebben of zelfs niet kunnen lezen en schrijven om ze te begrijpen en ervan te leren en te genieten. Verhalen migreren mee met de mens, groeien en veranderen met ons mee en overleven ons in woord en beeld.

Voor de uitvinding van het schrift waren de vertellers het geheugen, de behoeders en de bibliotheek van onze verhalen. (de West-Afrikaanse griot en acteur Sotigui Kouyaté)

De natuur is sinds het begin der tijden, noem het de schepping of noem het de  oerknal, een van de meest inspirerende thema’s geweest voor de mens. Het is niet toevallig dat zoveel verhalen beginnen met “in de tijd dat de dieren nog spraken”. De natuur, met ons mensen als bewakers en sluitstuk, staat onder druk en we weten dat er geen planeet B bestaat. Vandaag is het belangrijker dan ooit dat we de natuur en haar en onze duurzaamheid zo goed mogelijk respecteren en verzorgen. Verhalen en gedichten geïnspireerd door de natuur vormen het geheugen van de mensheid, hoe wij deel zijn van de natuur en met haar omgaan. Laten we niet vergeten dat we vandaag meer dan ooit een aantal essentiële dingen kunnen leren van de first people die wij, de welvarende landen van het Noorden, wereldwijd opzijgeschoven en onderdrukt hebben. De unieke, wereldvermaarde en superbiodiverse collectie van de Plantentuin staat ter beschikking van alle 50+ schrijvers en dichters die zich aangesproken en geïnspireerd voelen.

Alles wat we meemaken is een verhaal. Eigenlijk is heel ons leven een verhaal. (Kainou, 14 jaar, deelnemer verhalenworkshop Jeugdhuis Formaat Antwerpen Linkeroever)

Enkele schrijftips:

  • Voor Natura Inspiratus schrijf je een kortverhaal. Een korte helder en persoonlijk geformuleerde tekst met een begin, verloop en einde, langs een leidraad die de lezer uitnodigt en verleidt om mee te stappen in jouw verbeelding.
  • Je verhaal is echt gebeurd of verzonnen. Een mengvorm van waar en niet waar kan heel boeiend zijn, maar vraagt extra schrijfvaardigheid en -ervaring.
  • Het onderwerp van je verhaal is geïnspireerd door de natuur, dat wil in dit geval zeggen jouw kijk op iets in de natuur: flora, fauna, de mens. Je personages wandelen, lopen, kruipen, klimmen, vliegen, zweven, duiken, zwemmen … door jouw verhaal.
  • In verhalen van alle culturen en talen zijn er veel meer plantaardige en dierlijke personages dan menselijke. Denk aan het riet dat buigt voor de stormwind en terug overeind komt terwijl de stoere boom afknapt of ontworteld wordt, of aan de schildpad die het in een loopwedstrijd wint van de haas.
  • Je verhaal is een opeenvolging van situaties die voor jou en je personages vanzelfsprekend zijn, voor je  lezer misschien af en toe iets minder. Toch weten we allemaal dat bomen kunnen praten, hoe heerlijk het is om op de bodem van een oceaan te lopen, dat draken bestaan, wat er kan gebeuren als je een   kikker kust, dat de aarde een platte schijf is op de rug van een schildpad, …
  • Schrijven doe je niet in één keer van het eerste woord in rechte lijn naar de afgewerkte tekst. Geef jezelf de tijd om te schrijven, te lezen, te schrappen en te herschrijven.
  • Als je verhaal goed in elkaar zit is de lezer in staat om het meteen in zijn of haar eigen woorden beknopt na te vertellen.
  • Onder het verhaal dat kan naverteld worden, van ‘er was eens’ over ‘en toen’ tot ‘ze leefden nog lang en gelukkig’, ligt wat je eigenlijk wil vertellen en waarom je dit verhaal geschreven hebt. Je kiest er zelf voor of je een van je personages of een verteller in het verhaal deze ‘boodschap’ expliciet laat formuleren of dat je dit overlaat aan de lezer.
  • Kies je eigen personages, je eigen verhaalslijn en vertel die met je eigen woorden, maar voor of tijdens het schrijven een verhaal lezen of herlezen van een van je lievelingsschrijvers kan je zeker op goeie weg zetten.
  • Beleef plezier aan het bedenken en uitschrijven van je verhaal. Ieder van ons is een verteller: in onze dromen spelen wij allemaal met de tijd, komen we op plaatsen, gebruiken we voorwerpen en ontmoeten we mensen die we kennen en andere die we nog nooit in het echt gezien hebben of zullen zien.
  • Je bent de eerste lezer van je eigen verhaal.

Als je goed luistert, zal je op het einde van het verhaal iemand anders geworden zijn, want het is een zuiver en groot verhaal, dat de fouten uitwist, je verstand verheldert en een lang leven bezorgt. (De verteller Vyasa tegen een kind bij het begin van de Mahabharata, in de theaterversie van Peter Brook en Jean-Claude Carrière)

Wedstrijdinfo:

  • Check en volg de criteria in het wedstrijdreglement van “Natura Inspiratus”.
  • Voor de verhalenschrijvers: zowel door jou navertelde bestaande verhalen als originele zelfbedachte verhalen zijn welkom. 
  • Voor de dichters: een gedicht is de meest persoonlijke vorm van schrijven. De keuze van vorm en metrum van je gedicht(en) is volledig vrij. Hou wel rekening met de maximum lengte.
  • De taal: alle verhalen en gedichten worden in het Nederlands ingediend. Anderstalige en meertalige auteurs worden aangemoedigd om hun tekst ook te bezorgen in de/een andere taal.
  • Mail je verhalen en gedichten samen met het inschrijvingsformulier en je korte cv op uiterlijk 13 januari 2020 naar natura.inspiratus@gmail.com

DE DRIE BROERS EN DE ZON

Een sprookje dat ons vertelt hoe in de tijd dat de wereld geschapen werd de jaguar, de poema en de zwarte panter in de wereld kwamen. Dit verhaal werd ons bezorgd door de Colombiaans-Belgische illustratrice Laura Vargas.

Toen de wereld volop in zijn ontstaansfase zat, was het nog overal nacht. Het daglicht zou pas op het einde van de schepping in de wereld gebracht worden, om alles wat zo omzichtig mogelijk in het donker gecreëerd was zichtbaar te maken en in leven te houden: de aarde, de oceanen en de zeeën en rivieren, de bomen en de planten en de bloemen, de dieren en de mensen in alle maten en kleuren. Koning Zon maakte zich klaar voor een laatste inspectieronde. Voor hij vertrok koos hij drie broers uit voor een vertrouwelijke opdracht. Hij gaf aan de oudste een doos waarin het daglicht zat, zei dat ze over de doos moesten waken en haar vooral niet openmaken. De broers verborgen de doos op een veilige plek en beloofden er heel goed voor te zorgen. Maar toen iedereen sliep sloop de jongste naar de doos toe, nam ze mee naar een plek op de grens van land en water en in een vlaag van overmoed en zelfzuchtigheid opende hij de doos. Het licht overspoelde de wereld en iedereen zag voor de eerste keer zijn onmetelijke pracht. Koning Zon werd woedend. Hij vroeg wie de doos geopend had. De broers wezen naar de jongste. Toen zei de koning: “Ik had van jullie de bewakers van het woud willen maken, maar nu zal ik mijn plan aanpassen”. Hij veranderde de oudste broer in een jaguar, groot en sterk en met de krachtigste ogen ter wereld. Hij werd de hoofdbewaker van het woud, de heerser over Amazonia. De tweede broer veranderde hij in een poema, aan wiens aandacht niets ontsnapt. Van de jongste broer had hij een oncilla willen maken, een kleine en superlenige tijgerkat. Zo zouden ze alledrie de zon in hun huid dragen. Maar de koning strafte de jongste broer door het licht uit zijn huid weg te nemen en door hem bij daglicht zijn gezichtsvermogen te ontnemen. Hij veranderde hem in een zwarte panter.

EEN VERDWENEN TRADITIE?

Een verhaal van het Serer volk uit Senegal, over een eeuwenoude traditie die tijdens de Franse kolonisatie verdween, maar toch niet helemaal. Dit verhaal werd ons bezorgd door de Nigeriaans-Belgische mensenrechtenactivist en beeldend kunstenaar Godfrey ‘Okorodus’ Williams.

Er was een tijd dat griots na hun dood niet begraven werden in de aarde of ritueel verbrand, maar dat hun dode lichaam toevertrouwd werd aan een baobab. De  baobab is altijd een magische boom geweest en heeft veel  vertellers geïnspireerd tot wonderlijke verhalen en zalige sprookjes. In zijn stam zitten kleine tot heel grote  holtes, en de Serer leerden die te gebruiken als laatste rustplaats voor hun griots. Als eerbetoon aan de vertellers en woordkunstenaars van hun volk, en uit respect voor de magische boom. Hoe eervol ook, tijdens de Franse kolonisatie werd het verboden om mensen op deze manier, in een symbolische nabijheid voor het dorp en de stam, een laatste rustplaats te geven. Alle doden moesten onder de grond begraven worden, om hygiënische, ethische en administratieve redenen in de traditie van de ’hogerbeschaafde’ kolonisator. De overleden griots moesten herbegraven worden in de aarde. Aan de ene kant is hiermee een betekenisvolle traditie verdwenen, aan de andere kant kunnen baobabs zo oud en wijs worden dat er in Senegal op plaatsen die we hier niet bij hun naam zullen noemen nog altijd baobabs staan waarin de schedels en andere botten van meerdere griots de Serer herinneren aan hun geschiedenis en aan hun basisverhalen, met andere woorden … aan hun wortels.

DE RIVIER EN IK

(Een gedicht van Carl Norac, vanaf Gedichtendag 2020 onze nieuwe Dichter des Vaderlands,  uit zijn bundel “Poèmes pour mieux rêver ensemble”)

Ik was zo verdrietig die dag, maar wat zag ik in de weerspiegeling van de rivier? Mijn mooiste glimlach. Dat kan toch niet, de rivier die liegt. Ik wachtte, wreef mijn ogen uit en keek opnieuw. Een rivier laat het water de vrije loop. Een rivier liegt nooit twee keer. En weet je wat daar glom? Mijn schitterende lach.

Er was eens … een plek waar verhalen gelezen, verteld en uitgewisseld werden. Er kwamen mensen van oneindig veel verschillende achtergrond, wereldbeeld, cultuur en taal samen. Het was een verhalenwerf. Je vindt er eeuwenoude verhalen uit de tijd dat de dieren nog spraken, verloren gegane verhalen die op de verhalenwerf hersteld worden en nieuwe verhalen vanuit de hele wereld.

De Verhalenwerf interculturele vzw:

  • dankt FedOS dat ze ons gevraagd hebben om de verhalen- en poëziewedstrijd van “Natura Inspiratus” te coachen.
  • wenst alle deelnemers veel inspiratie en evenveel succes.